‘t Is geen loterij... Iedereen wint erbij!

Betaalde vakantie

Ik ben toe aan vakantie!

Dankzij de jaarlijkse vakantie kan ik genieten van zon en zee! Op basis van mijn werk tijdens het vorige jaar kan ik 4 weken met vakantie terwijl ik toch mijn loon ontvang (mijn vakantiegeld) én ook een tweede maand loon krijg: het dubbel vakantiegeld.

Betaalde vakantie is niet uit de lucht komen vallen en kwam er al zeker niet als gunst van de werkgevers. Daar is een zware sociale strijd aan voorafgegaan. Onder druk van de werknemers en omvangrijke stakingen wisten de vakbonden in 1936 één week betaalde vakantie uit de brand te slepen.

Vandaag hebben werknemers die een heel jaar lang voltijds hebben gewerkt recht op minimum 20 dagen (4 weken) betaalde vakantiedagen tijdens het volgende jaar.

In werkelijkheid is die ‘betaalde vakantie’ een dubbel salaris:

  • de werkgever betaalt het loon van de werknemer tijdens zijn vakantie;
  • de werknemer ontvangt bovendien nog ongeveer een maand extra loon. Dat is het dubbel vakantiegeld.

Het aantal vakantiedagen waar je recht op hebt, hangt af van het aantal dagen dat je vorig jaar gewerkt hebt. Om over 20 dagen vakantie te beschikken, moet je een volledig jaar gewerkt hebben. Als je minder hebt gewerkt, zal je dan ook minder dagen hebben.

Bepaalde periodes waarin je niet werkt, bijvoorbeeld stakingsdagen, moederschaps- of ouderschapsverlof, ziekte of tijdelijke ongeschiktheid na een arbeidsongeval, worden gelijkgeschakeld met werkdagen en tellen dus wel mee in de berekening van de vakantiedagen van het volgende jaar.